Skip to main content

Een veilige leefomgeving

Fysieke veiligheid

  • Het gebruik van elektrische apparatuur
     

    In het beleid van het internaat is de zorg voor de veiligheid en gezondheid van elke individuele intern primordiaal. Het internaat laat dan ook haar elektrische installaties regelmatig keuren, en respecteert bij vernieuwingen de veiligheid. Het internaat doet ook inspanningen om defecten en storingen te vermijden en op te sporen. We verwachten dat onze internen deze inspanningen eerbiedigen en dat ze bijdragen tot de veiligheid op ons internaat.

    Zij zullen dan ook zelf nooit zelf defecten aan lampen, elektrische apparatuur of stopcontacten proberen te herstellen en alle mogelijke defecten en storingen onmiddellijk signaleren aan de internaatsmedewerkers, defecte toestellen onmiddellijk uitschakelen en verwijderen van het stroomnet. Er is in elke leefgroep een gemeenschappelijk koelkastje en een waterkoker aanwezig, en de internen van de derde graad kunnen gebruik maken van een gemeenschappelijke microgolfoven. Bij het gebruik van deze apparaten passen de internen steeds de nodige voorzichtigheid toe. Zij zorgen er ook voor dat de apparatuur nog netjes en hygiënisch is na gebruik. Zij zullen voor de keuken, de sportzalen of sanitaire ruimtes van de schoolgebouwen de eventuele instructieborden en/of reglementen opvolgen, ook na de schooluren. 

    Elk elektrisch apparaat dat internen installeren op hun kamer moet een geaarde stekker hebben en voorzien zijn van een CE-markering volgens de Europese veiligheidsnormering. Om veiligheidsredenen vragen we met aandrang om het aantal elektrische apparaten op de internenkamer te beperken. 

    Apparaten met hoge elektrische vermogens zijn verboden. Sowieso verboden zijn elektrische radiatoren, warmtestralers, waterkokers, spiraalverwarmers, microgolf, koffiezetapparaten, elektrische dekens, ventilatoren, spots, blacklights en dergelijke.

    Wel toegelaten zijn bijvoorbeeld: radio, laptop, wekker, bureaulamp en nachtlampjes, sfeerverlichting op batterijen, föhn, stijltang, elektrische tandenborstel. Het internaat kan altijd met het oog op de veiligheid niet toegelaten of onveilige toestellen en voorwerpen op de kamer verbieden, en deze zelfs onmiddellijk verwijderen en in beslag nemen tot het einde van week, zodat die weer naar huis kunnen worden meegenomen of aan de ouders kunnen worden overhandigd. Ieder nieuw elektrisch apparaat dat internen na 1 september van huis meebrengen naar hun kamer, dient vooreerst voor goedkeuring aan een internaatsmedewerker of de internaatsdirecteur getoond te worden.

    Uitzonderlijk kan de internaatdirecteur bij aanhoudend hoge temperaturen beslissen dat ventilators (tijdelijk) kunnen. Met een mail naar alle ouders en internen geeft hij dan toelating dat men vanaf een bepaalde datum een ventilator meebrengt van huis. Dit mag enkel een koelteblazer zijn, geen warmteblazer, met een diameter van maximum 35 cm. Dit toestel moet het erkende CE-label dragen, moet een beschermkap hebben rond de schroeven, en een stekker met aarding. Om veiligheidsredenen mag die enkel aan staan wanneer de internen op hun kamer aanwezig zijn. Deze tijdelijke toestemming wordt ingetrokken door opnieuw een mail van de internaatsdirecteur naar alle ouders en internen, of vervalt automatisch bij het einde van het schooljaar. Wanneer een intern niet volgens de afspraken of op een onveilige manier hiermee omgaat, kan de ventilator van zijn of haar kamer weggenomen worden door een internaatsmedewerker of internaatsdirecteur, en wordt die het volgende weekend meegegeven naar huis of later aan de ouders overhandigd.

    Onze internen mogen enkel stekkerdozen gebruiken die voorzien zijn van overspannings-beveiliging (men kan deze aankopen op het internaat). De veiligheidsvoorschriften laten niet toe dat een stekkerdoos met een andere stekkerdoos verbonden wordt, hoe veilig beide ook zijn. Vanuit een verdeeldoos mag men wel een enkelvoudige geaarde verlengkabel laten vertrekken, met een maximumlengte van 1,5 meter. Alle kabels op een internenkamer moeten zoveel mogelijk aan de zijkant tegen de muren liggen en men mag er niet over kunnen struikelen. Stekkerdozen bevinden zich op de grond en mogen niet aan het bed opgehangen worden.

    GSM’s of smartphones worden enkel opgeladen tijdens de dag wanneer er iemand bij aanwezig is, de internaatsmedewerker (voor de eerste graad) of de intern zelf (voor de tweede en derde graad). Tijdens de schooluren wordt er dus niet opgeladen. Bij het opladen legt men de apparaten niet op een bed of bij andere brandbare stoffen. Als het apparaat opgeladen is, moet de oplader onmiddellijk uit het stopcontact getrokken worden. Die kan immers hitte afgeven en zo zorgen voor brandgevaar. Defecte apparatuur wordt nooit opgeladen.

    Bij het verlaten van de kamer dooft men alle lichten. Het spreekt vanzelf dat men geen elektrische apparatuur in de nabijheid van water brengt. Laat dus bijvoorbeeld geen krultangen of andere in de wasbak liggen.

     

  • Brandveiligheid
     

    Er zijn op het internaat in alle slaapkamers en gemeenschappelijke ruimtes rook- en branddetectoren. Het is niet toegestaan om kaarsen, wierook, shisha-pennen, (elektronische) sigaretten of soortgelijke producten te gebruiken.
    Bij het begin van elk schooljaar worden de evacuatieprocedures per leefgroep uitgelegd. Drie keer per jaar houden we een evacuatieoefening voor het hele internaat, waarvan minstens één keer ‘s nachts. Enkel de eerste oefening is aangekondigd.
    Van elke intern wordt verwacht dat hij/zij met de nodige ernst hieraan meewerkt. Een goede opvolging kan immers bij een echte brand levens redden. Alle voorzieningen voor brandpreventie zijn aanwezig op het internaat. De instructies voor evacuatie hangen uit op elke internenkamer.

    Bij het horen van de alarmsirene wek je je onmiddellijke buren, sluit je je venster, laat je al je spullen op je kamer liggen en trek je je deur achter je dicht. Verwittig een internaatsmedewerker wanneer je vermoedt dat er ergens nog iemand is achtergebleven. Bij brandalarm verlaat je snel maar rustig de gebouwen. Volg daartoe de aangegeven vluchtwegen en ga naar de aangegeven verzamelplaats.
    Hou je in de slaapkamers en alle gemeenschappelijke plaatsen en keukens van het internaat aan de voorschriften betreffende veiligheid. Richtlijnen i.v.m. brandveiligheid dien je stipt na te leven. Als een intern rookt(e) of vuur maakt(e) op de slaapkamer of binnen de gebouwen, kan die onmiddellijk preventief geschorst worden van het internaat. Ook indien men bewust en zonder reden een evacuatie-alarmknop indrukte, zal men onvermijdelijk gesanctioneerd worden, eventueel met een schorsing.

Psychische veiligheid

In de omgang tussen de internen onderling en tussen internaatsmedewerkers en internen stellen we eerbied en respect centraal. Respect voor de eigenheid, talenten én kwetsbaarheid van iedereen. Dit respect is wederzijds en uit zich in alle omgangsvormen: taalgebruik, handelingen, samenwerken en samenleven. (zie ook ‘Een positieve houding’). Het is noodzakelijk dat alle internen kunnen opgroeien in een veilige en stabiele omgeving die vrij is van grensoverschrijdend gedrag, intimidatie en agressie.

Pesten is helaas nog niet uit de wereld, en zeker niet bij onze jongeren. Er wordt veel aandacht aan gegeven en telkens nieuwe campagnes worden georganiseerd. En hoewel het kwalijke fenomeen blijkbaar vermindert volgens de cijfers, komt het nog op elke school voor, en dus zijn ook wij als internaat er zeer alert voor. Als we een pestsituatie opmerken, worden de betrokken internen individueel aangesproken, worden de ouders van alle betrokkenen gecontacteerd, en wordt er gezocht naar de beste aanpak en naar een gepaste goedmaking en eventuele sanctionering. We blijven in de toekomst onze inspanningen onze internen aanzetten tot een respectvolle en vriendelijke houding tegenover iedereen.

Er geldt op onze school en internaat een nultolerantie voor alle vormen van lichamelijk of psychisch geweld of (seksueel) misbruik. Al wie hiervan weet zou hebben, heeft een meldingsplicht, en kan zich binnen het internaat richten tot een zelf gekozen volwassene als vertrouwenspersoon. Voor meldingen, opmerkingen of vragen over grensoverschrijdend gedrag vanwege of tegenover internen of andere personen binnen het internaat, kan elke intern in eerste instantie terecht bij de internaatsmedewerkers of internaatsdirecteur. Indien men dat verkiest, kan men zich ook wenden tot het CLB van onze school met een Smartschoolbericht, gericht naar ‘CLB’.

Persoonlijke bezittingen en privacy

  • De privacy van de internenkamer
     

    Op ons internaat willen we van vertrouwen uitgaan, en onder meer daarom hebben de internen geen sleutel van hun kamer. De internen zullen zelf geen sloten voorzien op de deur van hun kamer, op kasten of schuiven.

    Het spreekt vanzelf dat een intern niet zomaar op de kamer van een andere intern komt, zeker niet wanneer die er niet aanwezig is. Eerst kloppen op de deur is een vanzelfsprekendheid. Men kan wel aan een vriend(in) tijdelijk even uitdrukkelijk toestemming geven om zijn/haar internenkamer te laten betreden voor een specifieke reden, maar liefst gaat men zelf mee naar de kamer. Elke intern is immers verantwoordelijk voor zijn/haar kamer en de persoonlijke bezittingen die daar liggen.

    Omdat een internaat een pedagogische opdracht heeft, betreden internaatsmedewerkers bijna dagelijks de internenkamers – met zoveel mogelijk respect voor de privacy -, en dit onder meer om:

    • internen te wekken;
    • individuele gesprekken met internen te voeren;
    • huiswerk te begeleiden (agenda controleren, toetsen/taken …) bij studie op de kamer;
    • orde en netheid te controleren.

    Om de orde en netheid en zeker om de hygiënische voorschriften qua etenswaren te controleren kunnen de internaatmedewerkers of internaatsdirecteurs ook de kast openen om er een algemene blik in te werpen. Dit is duidelijk verschillend van doorzoeken. Bij het controleren van de kamers streeft het internaat ernaar dat de intern zelf daarbij aanwezig is, maar dat zal praktisch gezien niet altijd mogelijk zijn.

    Doorzoeken kan enkel in geval er vermoed wordt dat er zich op de kamer bedorven etenswaren, alcohol, drugs, wapens of dergelijke meer zouden bevinden. Bij het doorzoeken probeert men op voorhand de ouders van de intern daarvan op de hoogte te brengen, en moet de intern zelf er steeds bij aanwezig zijn, liefst met nog een tweede volwassene als getuige.

    De internaatsdirecteur kan aan een intern ook vragen om met een slot gesloten meubilair, tassen en lockers te openen, maar enkel op voorwaarde dat hij/zij daartoe gegronde redenen heeft. Bij een weigering om een kamer te laten doorzoeken kan het internaat politiediensten inschakelen, enkel indien strikt noodzakelijk.

     

  • Persoonlijke bezittingen
     

    Het internaat en haar personeelsleden kunnen niet verantwoordelijk gesteld worden voor verlies, beschadiging of diefstal van persoonlijke bezittingen van anderen. Wanneer internen hun GSM’s, tablets en dergelijke tijdens (een deel van) de dag in bewaring (moeten) geven bij een personeelslid, zal deze het ontvangen voorwerp zorgvuldig bewaken en na de bewaargeving vanzelfsprekend in dezelfde staat teruggeven.

    We vragen uitdrukkelijk dat internen hun portefeuille of waardevolle voorwerpen nooit op een onbewaakte plaats achterlaten of zomaar laten rondslingeren op hun kamer, en dat ze deze steeds opbergen in een kast of in een lade van hun bureau. Indien mogelijk worden waardevolle spullen onuitwisbaar voorzien van een naam of initialen. De internen die juwelen of waardevolle voorwerpen bij zich hebben – wat we ten zeerste afraden – doen dit op eigen risico.

    Internen zullen nooit geld van of aan medeleerlingen of -internen lenen. Als iemand een onvoorziene uitgave zou hebben, kan die steeds bij de internaatsdirecteur(s) terecht. Het is ook verboden om zaken te kopen bij of verkopen aan andere internen of leerlingen op school, behalve dan bij acties die door de school of het internaat georganiseerd worden. Ook het kopen of verkopen, doorgeven of aannemen van medicatie is verboden. Bij medische zorgen kan men terecht bij de internaatsmedewerkers voor overleg en indien nodig hulp.

    Om de onthaalmedewerkers niet te overbelasten vragen we dat de internen geen pakjes op het college laten toekomen. Het is handiger wanneer internen iets thuis laten leveren en dit dan op maandag eventueel meebrengen naar het college.

     

  • Camerabeelden en ander beeldmateriaal
     

    Het Sint-Barbaracollege maakt gebruik van een paar bewakingscamera’s aan de ingangen van de school, met als doel om misdrijven tegen personen of goederen te voorkomen, vast te stellen, op te sporen en/of overlast op te sporen. Deze camera’s gelden automatisch ook voor het jongensinternaat, dat immers boven de schoolgebouwen gelegen is.

    In het apart liggende gebouw van het meisjesinternaat zijn er drie camera’s werkzaam, met name aan de ingang, aan de nooduitgang en de uitgang langs de garagepoort, en dit natuurlijk met hetzelfde doel. De andere camera’s die nog in het gebouw hangen, zijn restanten van de vorige eigenaars, en worden niet meer gebruikt.

    De plaatsen die onder camerabewaking staan worden duidelijk aangeduid met een pictogram. Alle beelden worden telkens bewaard voor twee weken. Al wie gefilmd wordt mag vragen om die beelden te zien, maar geeft hierbij voldoende gedetailleerde aanwijzingen om de betrokken beelden vlot te kunnen terugvinden.

    Het internaat publiceert geregeld foto’s of filmpjes van internen op de website en in andere publicaties, ook op de sociale media. De bedoeling is om geïnteresseerden op een leuke wijze te informeren over de activiteiten. Indien het om gerichte foto’s gaat, dit wil zeggen om foto’s die enkel één bepaalde leerling duidelijk in beeld brengen (bijvoorbeeld tijdens een sportactiviteit), mag dit beeldmateriaal uitsluitend met toestemming gepubliceerd worden. Die toestemming wordt door de ouders van elke intern al dan niet gegeven bij de inschrijving.

    Het is aan de internen niet toegestaan om binnen de internaatsmuren foto’s of ander beeldmateriaal van andere internen of personeelsleden van het internaat vast te leggen en/of te verspreiden, tenzij men vooraf de uitdrukkelijke toestemming kreeg van een internaatsmedewerker of de internaatsdirecteur(s) én uiteraard ook van de persoon die gefotografeerd of gefilmd wordt. Hiervoor kunnen ordemaatregelen of tuchtmaatregelen uitgesproken worden.

     

  • Privacygegevens
     

    In de leerlingengegevens die de school bijhoudt is er ook een apart onderdeel voor het internaat voorzien. Deze gegevens kunnen in principe enkel geraadpleegd worden door het pedagogisch personeel van het internaat, door de leerlingenbegeleiding en het CLB, en door het directieteam van het Sint-Barbaracollege.

    Het internaat heeft ook een individueel opvolgingsdossier, dat alle relevante informatie kan bevatten om de intern zo goed mogelijk te begeleiden. Dit dossier wordt zorgvuldig bijgehouden en veilig bewaard. De intern en de ouders hebben het recht om zijn/haar eigen dossier in te zien. Zij kunnen ook toelichting krijgen over de gegevens die over hem/haar worden bijgehouden. De intern heeft het recht om een eigen versie te geven van de feiten vermeld in zijn/haar dossier en hij/zij kan zelf documenten laten toevoegen.

    Daarnaast beschikt het internaat ook nog over de zogenaamde aanmeldingslijsten, waarop de gegevens worden verzameld die alle kandidaat-internen via mail hebben doorgegeven aan het internaat. Op basis hiervan worden elk jaar de nieuwe internen uitgenodigd om zich zo mogelijk ook daadwerkelijk in te schrijven. Deze gegevens worden ook bewaard om in de toekomst eventuele reünies van oud-internen te kunnen organiseren, tenzij de internen of hun ouders hiertegen bezwaar zouden maken.