Skip to main content

Het internaat als leergemeenschap

Belang en organisatie van de studie op ons internaat

Een van de speerpunten in de werking van ons internaat is dat wij onze internen willen helpen te groeien in hun studies en inzicht. We merken dat internen het best in staat zijn om voluit voor hun studies te gaan wanneer ze kunnen terugvallen op een gezonde portie intrinsieke motivatie. Jongeren die interesse hebben voor hun gekozen studierichting studeren met plezier en ijver.

Daarom streven we op ons internaat naar een studiebevorderend klimaat met voldoende studietijd, telkens aangepast aan het leerjaar waarin elke intern zich bevindt. In de dagorde van de verschillende leefgroepen hierboven is zichtbaar wanneer precies de studiemomenten vastgelegd zijn, althans voor de gewone schoolweken.

Een paar weken voor elke proefwerkenperiode worden de woensdagnamiddagactiviteiten vervangen door extra-studie, en ook tijdens de proefwerken zelf is er in de namiddag verplichte studietijd. Elke intern die zijn of haar studietijd efficiënt invult, zou met de vastgelegde studiemomenten normaal gezien genoeg tijd moeten hebben om rond te komen. Maar wie occasioneel eens wil langer studeren, krijgt daar – in overleg en afspraak met de internaatsmedewerkers – in principe de kans toe.

De internen van de eerste graad studeren gezamenlijk in een studiezaal of in een grote klas onder toezicht van hun internaatsmedewerker. Vanaf de derdes studeert men op de eigen kamer.

Bij de jongsten wordt in de gezamenlijke studie de nodige concentratie en doorzettings-vermogen bijgebracht. De internaatsmedewerker leert hen ook het dagelijks goed plannen van taken en lessen aan, en geeft studietips en persoonlijke feedback op hun studieresultaten. Het is de bedoeling dat in de eerste graad de juiste studiehouding tot een gewoonte wordt gemaakt voor onze internen, een gewoonte die ze ook in de tweede en derde graad aanhouden en die hen ook daarna nog een blijvend houvast biedt.

Per leefgroep gelden specifieke regels voor de mogelijkheden om eventueel uitleg te vragen aan de internaatsmedewerker en/of een mede-intern. Omdat we onze internen ook willen stimuleren om hun talenten ten dienste te stellen van de anderen, laten we internen uit de 3de graad uitleg geven aan die jongere internen die deze ondersteuning kunnen gebruiken. Het peter/meter-project van de school loopt op internaat dus in zekere zin voort na 16.10 u.

Het kan natuurlijk gebeuren dat er gaandeweg moeilijkheden in de studies opduiken. Soms zijn er weken met veel taken en toetsen, soms loopt het wat minder makkelijk op school of met de vrienden, of er kunnen nog andere factoren zijn waardoor de studies een heuse opgave lijken te worden. De internaatsmedewerkers zijn echter steeds in de buurt om te helpen waar nodig. Vanzelfsprekend kunnen en mogen zij niet het werk van de leraren overnemen of herhalen, maar zij kunnen bijvoorbeeld wel een studieplanning helpen opmaken, gerichte tips geven bij het studeren, een motiverend gesprek hebben met de jongere, of zij kunnen eens contact opnemen met de leraren of leerlingenbegeleiding; zo kan een intern na een moeilijker fase geholpen worden om voldoende moed en doorzettingsvermogen te vinden voor een frisse nieuwe start.

Uiteraard blijft het belangrijk dat alle ouders hun kinderen mee motiveren, en er op toezien dat de internen ook tijdens het weekend voldoende tijd en aandacht aan het schoolwerk besteden.

 

Communicatie met de ouders, de school, het CLB

Hiervoor hadden we het reeds over de twee oudercontacten die de ouders kunnen hebben met de internaatsmedewerkers of de internaatsdirecteurs. De internaatsmedewerkers volgen de schoolresultaten van hun leefgroep op en proberen hun internen te motiveren en bij te sturen. Wanneer dit nodig blijkt, contacteren zij de ouders – of omgekeerd – om samen advies of hulp in te winnen bij de leraren, de leerlingenbegeleiding of het CLB. Na elk rapport is er een bespreking tussen de internaatsdirecteur en de internaatsmedewerkers per graad. Als ouders vragen of opmerkingen hebben over de studieresultaten van hun kind, mogen ze dus zeker niet aarzelen om naast de medewerkers van de school ook die van het internaat te contacteren.

Twee keer per jaar (op het einde van het eerste en het derde trimester) maken de internaatsmedewerkers van de eerste en de tweede graad een internaatsrapport op voor elk van de internen in hun leefgroep. Hierin wordt niet alleen de studiehouding van elke intern over de voorbije periode geëvalueerd, maar ook de integratie in het groepsleven, de algemene omgangsvormen, en de orde en stiptheid. Wij hechten zeer veel belang aan deze communicatie omdat ze de ouders in staat stelt een goed beeld van hun kind te krijgen op het internaat. We verwachten immers ook van de ouders de medewerking om – wanneer nodig – bijsturingen in de studiehouding en attitudes van hun kind te helpen verwezenlijken.

Goede communicatie beperkt zich echter niet tot deze twee momentopnames per jaar. Tijdens de installatie- of opruimdagen, tijdens oudercontacten of via een bericht op Smartschool is het steeds mogelijk om de internaatsmedewerkers of internaatsdirecteurs aan te spreken. Het is natuurlijk niet mogelijk voor een internaatsmedewerker om wekelijks contact met alle ouders van zijn/haar leefgroep te hebben, maar indien nodig is het verkieslijk om elkaar eerder eens te veel dan te weinig te horen tijdens het schooljaar. Ouders mogen daarom nooit aarzelen om het internaat te contacteren met vragen, opmerkingen of bezorgdheden. Hiervoor kan men best eerst contact nemen door middel van een mailtje (uitsluitend via Smartschool!), waarna een telefonisch gesprek makkelijker kan gepland worden.